Antoine Bakhash: ‘“Stuur ze allemaal terug!” “Wat een held!” De reacties na de aanslag op de Pride in Berlijn zijn weer erg voorspelbaar’
“Stuur ze allemaal terug.”
“Wat een held. Moge God hem belonen.”
Het waren twee reacties die ik tegenkwam terwijl ik de berichtgeving over de aanslag tijdens de Pride in Berlijn in vier talen volgde: Nederlands, Frans, Engels en Arabisch. De ene reactie verheerlijkt terrorisme. De andere gebruikt de aanslag om het migratiedebat aan te wakkeren.
In berichten in het Arabisch werd de terrorist vaak een held genoemd. Ergens mag dat niet verbazen: de problemen met holebirechten in de Arabische wereld zijn bekend. Geen enkel Arabischtalig land erkent het homohuwelijk. In de meeste landen blijven homoseksuele relaties strafbaar, in sommige staat er zelfs de doodstraf op.
In Nederlandstalige, Franstalige en Engelstalige berichten ging het al snel over migratie als maatschappelijk probleem. Nog voor alle feiten bekend waren, wezen sommige politici opnieuw naar de vluchtelingencrisis van 2015 en het “Wir schaffen das” van Angela Merkel. “Stuur ze terug”, was de teneur. Dat wekt de indruk dat het probleem van de terugkerende terreuraanslagen in Duitsland en Europa eenvoudig is op te lossen door onze grenzen strenger te bewaken en in het wilde weg aan het deporteren te slaan.
De werkelijkheid is complexer. De dader van de aanslag in Berlijn was in Duitsland geboren. Hij was eerder veroordeeld nadat hij had geprobeerd zich aan te sluiten bij IS en liep later toch opnieuw vrij rond. Dat roept terechte vragen op over de manier waarop radicalisering wordt opgevolgd en over de veiligheidsmaatregelen die burgers moeten beschermen. Daar lijkt het debat vaak te stoppen. Het is interessanter voor een politicus om luid te roepen na een aanslag dan om een degelijk deradicaliseringsbeleid uit te werken.
Die selectieve verontwaardiging zie je ook elders. Sommige rechtse politici spreken vandaag luid over holebirechten. Maar toen de Pride-optocht in de Roemeense stad Oradea voor het vierde jaar op rij verboden werd, bleef het stil. Op 29 april nog onthielden Europarlementsleden van de N-VA zich bij een resolutie voor een Europees verbod op conversietherapie voor holebi’s. Europarlementsleden van Vlaams Belang stemden zelfs tegen.
Europa investeert al jaren fors in veiligheid, inlichtingendiensten en terrorismebestrijding. In plaats van verantwoordelijkheid te nemen voor wat er vandaag allemaal misloopt, wordt na elke aanslag opnieuw naar dezelfde retorische recepten gegrepen. Toch slaagt het beleid er maar niet in om kwetsbare minderheden – zoals de lgbti-gemeenschap of de joodse gemeenschap – te beschermen tegen haat en extremisme. Wat zijn al die investeringen waard als die groepen zich uiteindelijk toch in de steek gelaten voelen?
Die selectiviteit is overigens niet exclusief voor rechts. Sommige progressieve politici zul je zelden horen spreken over de schendingen van holebirechten in de Arabische wereld, of de wijdverbreide homofobie in sommige migrantengemeenschappen in Europa. Ook dat is een mensenrechtenkwestie waarover het opvallend stil blijft.
Precies daarom verdienen die reacties meer aandacht dan ze vandaag krijgen. De haatreacties in Arabische berichten tonen aan dat dit geen ver-van-mijn-bedshow is. Politici zouden ook hier veel nadrukkelijker moeten investeren in de aanvaarding van holebi’s binnen gemeenschappen waar die aanvaarding nog altijd een probleem is.
We verheerlijken geweld of we roepen om deportaties, we scoren politieke punten of we zwijgen. Het script ligt telkens al klaar nog voor de feiten bekend zijn. Misschien is het tijd om eindelijk met dat script te breken.
Bron: De Standaard
