Tim Brys: ‘Zullen de nieuwste AI-assistenten ons nog meer zelfgericht maken? Of net socialer?’

Het wordt al langer voorspeld maar in voorbije weken werd het voor het eerst een realiteit voor sommigen. Met name OpenClaw geeft ons een glimp van de toekomst. Het is een slim stuk software waaraan je toegang kan geven tot alle aspecten van je digitale leven: je bestanden, je e-mail, je kalender, je WhatsApp, je bankgegevens, enzovoort. Gebruik makende van een large language model naar keuze als brein (ChatGPT, Gemini, Claude, …) gaat die vervolgens net als een menselijke personal assistant aan de slag voor jou, maar dan door je computer te besturen.

Bijvoorbeeld: je vraagt OpenClaw via WhatsApp om een tafel voor twee te regelen in een bepaald restaurant. De AI zoekt het restaurant online op, realiseert dat je enkel telefonisch kan reserveren, beslist om AI-stemsoftware op je computer te downloaden, verkrijgt een telefoonnummer, belt het restaurant op, krijgt te horen dat het volzet is, blijft met robotische stem aandringen “misschien kunnen ze aan de bar eten?”, geeft uiteindelijk op met “bel maar terug moest er toch plaats vrijkomen” en rapporteert nadien aan jou terug.

Dit is een echt voorbeeld gezien op VPRO/TROS vorige week. Mensen gebruiken OpenClaw om zich elke ochtend telefonisch te laten briefen over hun agenda en de relevante actualiteit, om hun aandelenportfolio te beheren, om hun mailbox te filteren, om programmeerprojecten op te volgen of dat allemaal tegelijkertijd.

Je gebruikt OpenClaw best nog niet want er zijn grote risico’s aan verbonden: de software heeft veel veiligheidsproblemen – je kredietkaartgegevens zouden gemakkelijk gestolen kunnen worden – en AI’s kunnen nog steeds domme dingen doen – al je computerbestanden verwijderen, bijvoorbeeld. Maar verder wordt dit dus onthaald als een glimp van de toekomst. Wat er te winnen valt qua efficiëntie en productiviteit lijkt duidelijk.

Maar mediatheoreticus Neil Postman waarschuwde ooit dat bij nieuwe technologie ook steeds iets verloren gaat. Mechanische weefgetouwen maakten goedkope massaproductie van kledij mogelijk, maar veroordeelden voormalige ambachtslui ook tot gevaarlijk en afstompend fabriekswerk. Tv bracht de wereld in de huiskamer, maar erodeerde ook de band tussen buren, die elkaar niet meer nodig hadden voor tijdverdrijf. Sociale media brachten digitale verbinding, maar faciliteren ook maatschappelijke polarisatie.

AI-assistenten zullen wellicht ook een schaduwkant hebben. Dat de restaurateur het niet fijn vindt dat hij opgebeld wordt door een opdringerige robot, dat de algoritmisch gestuurde migrant die onze bestellingen bezorgd onderbetaald is, dat we steeds meer in onze eigen gepersonaliseerde informatiebubbels leven, dat merken we niet wanneer AI ons leven frictielozer maakt.

Zo passen AI-assistenten binnen een trend waarin technologie ons steeds meer vervreemdt van elkaar: de focus ligt op mijn verlangens die bevredigd worden, terwijl anderen en hun noden steeds meer verborgen raken. Ik haalde de tv al aan, maar de auto en de smartphone droegen evenzeer bij tot die trend: we rijden buren op straat voorbij om gelijkgezinden verder weg te bezoeken, we negeren kennissen naast ons om op ons scherm te staren naar onze favoriete influencer.

Technologie staat toe dat we sociaal contact steeds meer in functie stellen van onze eigen verlangens: we brengen vooral tijd door met mensen die op ons lijken. Contact met ‘naasten’ die het leven ongevraagd op ons pad brengt – familieleden, buren, collega’s, medepassagiers, daklozen – is steeds meer optioneel en we kiezen er steeds minder voor, waar in de eerste plaats die anderen de gevolgen van dragen: eenzaamheid, een gebrek aan zorg, ongelijkheid en onrechtvaardigheid.

Op een dergelijk versnipperd fundament bouw je geen democratische samenleving.

Maar zelfs als we enkel aan ons eigen goed denken zijn onzelfzuchtige sociale contacten essentieel: sterke relaties zijn de beste voorspeller voor een lang en gezond leven. In het boek met de zelfverklarende titel The Good Life: Lessons From the World’s Longest Scientific Study of Happiness stellen onderzoekers dat de gelukkigste volwassenen zij zijn die de vraag ‘wat kan ik voor mezelf doen?’ kunnen omkeren in ‘wat kan ik doen voor de wereld om me heen?’ Niet enkel voor jezelf leven maar ook in grote mate voor de ander brengt diepe vreugde en een betekenisvol bestaan.

En als naastenliefde essentieel is voor het goede leven, dan leert de parabel van de Barmhartige Samaritaan ons dat iedereen onze ‘naaste’ kan zijn, niet enkel mensen met een gelijkaardige achtergrond en situatie: ook de eenzame buurman, de zieke tante of de gewonde vreemdeling langs de weg.

Nu OpenClaw ons een voorproefje van de toekomst geeft, rijst de vraag op: hoe zullen we onze toekomstige AI-assistenten inzetten? Ze kunnen ons nog meer opsluiten in een zelfgerichte bubbel, waarin we ons op al onze wenken laten bedienen, afgeschermd van ongewenst contact met de sociale, economische en etnische ‘ander’. Of ze kunnen ons net bevrijden van routineuze maar noodzakelijke bezigheden om meer tijd te investeren in een van de belangrijkste zaken die we hebben: elkaar.

Bron: Knack

Laat een reactie achter